|
Van onze verslaggever
DEN HELDER-,,Als hij echt bij het museum komt, gaat als eerste dat stomme stuurhuis eraf.'' Maar afgezien van het stuurhuis, later door een particulier op de motorreddingboot gemonteerd, is directeur M. Kedde van het Reddingmuseum erg enthousiast over de komst van de Dorus Rijkers naar Den Helder.
De uit 1923 stammende motorreddingboot kwam gistermiddag om vier uur aan. Het schip werd tegemoet gevaren door haar opvolger uit 1952, de Prins Hendrik. De reddingboten meerden naast elkaar af bij het Reddingmuseum.
Een groep enthousiaste Nieuwediepers, onder wie gemeenteraadslid J. van Dongen en ondernemer H. van Leeuwen, slaagden erin de boot naar de marinestad te halen. De Dorus Rijkers, die 29 jaar dienst deed in Den Helder, is een van de allereerste stalen motorreddingboten. ,,Omdat men toen nog niet op de nieuwe techniek vertrouwde, werd er ook de tuigage bijgeleverd om te zeilen, mocht de motor uitvallen'', vertelt W. van der Wal, penningmeester van de 'Stichting motorreddingboot Dorus Rijkers 1923'. Van Dongen: ,,Ook Dorus Rijkers zelf vond het maar niks, heb ik me laten vertellen, omdat er een motor in zat.''
Toch is het juist de motor die nu bewondering wekt. De viercilinder Deutz-Brons is nog in originele staat.
Toerental
,,Prachtig toch'', zegt Van der Wal over het ploffende geluid dat van de honderd-pk motor afkomt. Het karakteristieke geluid dankt de motor aan het lage toerental: slechts vierhonderd per minuut.
Het schip verkeert nog in een redelijke staat. Nadat het stuurhuis is verwijderd, zal het opnieuw geverfd worden. De bedoeling is dat het schip wordt toegevoegd aan de collectie van het Reddingmuseum. De financiering voor het herstel is overigens nog niet rond. Hiervoor zijn diverse fondsen aangeschreven.
Bron: Noordhollands Dagblad – 7 juni 2003
|