"Wie weet er nog wat over de mrb Dorus Rijkers" |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Bron: De Scheveningsche Courant 26.11.2003 en 03.12.2003
Op bovenstaand artikel zijn veel reakties binnengekomen: Dorus Rijkers Het had niet echt mijn volle belangstelling maar tijdens het samenstellen van een honderdjarige kroniek over de Scheveningse haven(s) trok het toch enigszins mijn aandacht. Bovendien wist ik van het historische puzzeltje van de heer W. van der Wal over de reddingsboot Dorus Rijkers. En waarom zouden we elkaar op dat gebied niet de helpende hand toesteken. Ik maakte een zijsprongetje in de stoffige havenarchieven en zie. Nadat de motorreddingboot Dorus Rijkers van 1955 tot 1961 op station Scheveningen dienst had gedaan, werd het schip tot 1965 als reserveboot gehouden. Op 13 september 1967 loopt het vaartuig weer Scheveningen binnen. Waar het schip die twee jaar heeft uitgehangen is mij onbekend. Bij zijn terugkeer in 1967 heet het schip echter Coen Bot, dit naar een voormalige schipper van de toen nog geheten Dorus Rijkers. De Havendienst plaatst de Coen Bot in haar registratie onder de categorie 'jachten.' Als eigenaar wordt dan J. P. Groen genoemd. Ik had daar al eerder een vermoeden van, temeer ik in de negentiger jaren nogal veel aan Schevenings familieonderzoek deed, onder wie de familie Groen. Ik trof toen aan dat deze Job Pieter Groen (1919-1989), behalve reder Vrolijk, eveneens aan pionierswerk op het gebied van Noordzeetrips en het sportvissen op zee deed. In ieder geval vertrekt de Coen Bot op 16 september weer naar zee en maakt het die maand nog vier tochten. Dit kan voor het hengelsport-vissen zijn geweest, maar evengoed voor een rondvaart. Al lijkt me het laatste in september niet erg voor de hand liggend. De Coen Bot blijft in 1967 slechts enkele tochten per maand maken voor welk doeleinde dan ook. Pas in 1968 neemt kennelijk de belangstelling toe zodat de Coen Bot bijvoorbeeld in april 16 en in augustus 24 tochten maakt. In november 1968 blijft het schip zelfs 16 dagen uit de Scheveningse haven weg. Waar het schip die dagen uithing, is echter niet achterhaald. Pas in januari 1969 worden de sportvisserijschepen (circa acht stuks) in een aparte kolom vermeld waaronder de Coen Bot. De jaren daarna doet het schip regelmatig vanuit Scheveningen aan sportvis-serij met een wisselend aantal tochten, variërend van 6 tot 20 per maand. Op 25 mei 1971 vertrekt de Coen Bot uit Scheveningen. Het had die maand nog een achttal tochten voor de sportvisserij gedaan. Na een aantal genomen 'steekproeven' 'zie ik' de Coen Bot in de jaren daarna niet meer terugkeren naar Scheveningen. En dat klopt aardig met de bevindingen van de heer Van der Wal. Er rest dus nog een klein historisch gaatje van 1965 tot 1967. Ik heb er het volste vertrouwen in dat daar vroeg of laat iemand mee boven water komt. G. van der Toorn Bron: De Scheveningsche Courant 03.12.2003 Dorus Rijkers Naar aanleiding van het artikel in De Scheveningsche Courant van woensdag 26 november over de ex-mrb Dorus Rijkers heb ik vele telefoontjes mogen ontvangen. Er zijn verschillende reacties gekomen over de persoon die op de foto op de kade voor de mrb Dorus Rijkers staat. De heer Piet Pronk uit Harlingen vermoedde dat hij het was. Nadat we hem een vergroting van de foto hebben toegestuurd bevestigde hij dat hij het inderdaad is. De heer Piet Pronk is in 1979 naar Friesland gegaan, maar zijn zoon Huib neemt regelmatig De Scheveningsche Courant voor hem mee. Zoals vele Scheveningers was de heer Piet Pronk regelmatig aan de haven te vinden. In 1938 heeft hij zelf als jongen nog de bekende redding door de mrb Zeemanshoop van de SCH 102 meegemaakt. Zijn grootvader Jan Pronk was opstapper op onder andere de reddingboten Zeemanshoop en de Arthur. Een aantal oorkondes en medailles van de KNZHRM heeft Piet daarvan in bezit. Tijdens een bijeenkomst van de Nautische Vereniging 'Oude Reddings Glorie' in september in Hindeloopen sprak hij met de huidige eigenaar van de Arthur en maakte met de Zeemanshoop een tocht over het IJsselmeer. Over de eigena(a)r(en) van het sportvis-sersvaartuig Coen Bot, ex-mrb Dorus Rijkers, in de periode 1965-1972 hoop ik binnenkort meer zekerheid te kunnen geven. Ook daarover zijn verschillende telefoontjes binnengekomen, maar er is helaas nog geen contact met familieleden van de eigena(a)r(en) geweest die het een en ander kunnen bevestigen. Wybe van der Wal Bron: De Scheveningsche Courant 10.12.2003 Dorus Rijkers/Coen Bot De zoektocht naar de geschiedenis van de motorreddingboot Dorus Rijkers interesseerde me maar matig, totdat Gijsbert van der Toorn de naam Coen Bot ter sprake bracht. Hij bracht velen - zoals ik intussen van Wybe van der Wal gehoord heb - op het goede spoor voor de periode na 1965 en ook bij mij ging er een lichtje op. In de zomer van 1965 maakte ik namelijk een tochtje mee aan boord van de Coen Bot en ik schreef daarover een verhaal voor De Waterkampioen van de ANWB. Eigenaar was toen de heer Walter Couwenberg, eigenaar van het restaurant De Turk in Leiden en een bekend watersporter rond de Kagerplassen. Hij had de Dorus Rijkers van de toenmalige KNZHRM gekocht, maar mocht de oude naam niet handhaven en koos toen voor Coen Bot, die 32 jaar schipper op de Dorus is geweest. Hij veranderde niets aan het uiterlijk, alleen het springnet haalde hij eraf om ruimte te maken voor het wedstrijdzeilbootje van zijn zoon. Door zijn wedstrijdzei-lende kinderen en als bestuurslid van de KWV De Kaag was zijn schip vaak te zien bij allerhande wedstrijden in Nederland. Ik voer met Couwenberg van Gouda naar Bergen op Zoom, in het kader van een stertocht naar aanleiding van de opening van de nieuwe jachthaven. Waarvoor we overigens te laat kwamen door een kapotte koelwaterpomp - een euvel dat door de eigenaar zelf werd verholpen - en de daarop volgende door kentering van de stroom noodzakelijke stop in Willemstad. Voor zijn functie van motorjacht was het schip wel onderdeks aangepast en er was (slaap)accommodatie voor vijf man. Maar erg gezellig was het er niet, want Couwenberg wilde geen enkele concessie doen aan het uiterlijk van het schip; geen koekoek en extra patrijspoorten dus bijvoorbeeld. Het kombuisje was zo klein dat we tijdens die tocht voor diner en ontbijt maar de wal opgingen. De stuurstand moest beslist open blijven voor het behoud van het karakter van het schip, maar de nieuwe jachtschipper (ex-zeiler) vond dit juist aantrekkelijk: hij genoot er van in weer en wind te staan. In jachthavens was de Coen Bot toen een bezienswaardigheid, hoewel menige jachteigenaar het knap benauwd kreeg als het 18,50 meter lange stalen schip in de buurt van zijn trotse bezit kwam. Manoeuvreren was dan ook niet eenvoudig en ging soms met veel indrukwekkend spektakel gepaard, maar Couwenberg zag voor zover mij bekend altijd kans de Coen zachtjes voor de wal te krijgen. Wat wel nodig was omdat even 'afhouden', zoals in de jachtwereld gebruikelijk is, er niet bij was. "Als het misgaat is de enige oplossing iets goedkoops uit te zoeken om tegenaan te varen", was een van de opvallende uitspraken van Couwenberg die me altijd is bijgebleven. Adriaan Pels Bron: De Scheveningsche Courant 07.01.2004 Dorus Rijkers compleet Begin december jongstleden stond er een oproep in De Scheveningsche Courant over de ex-mrb Dorus Rijkers. Daarop is fantastisch gereageerd. Alle vragen zijn opgelost!
Wybe van der Wal, Bron: De Scheveningsche Courant 14.01.2004 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
[ Hoofdpagina ] - [ Disclaimer ] |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||